Werkplan 2009 - 2012

Beoogde resultaten
Op het domein van Langdurig Problematische Gezinssituaties wil het lectoraat op een vijftal gebieden resultaten bereiken:

  1. Diagnostiek
  2. Interventie
  3. Onderzoek
  4. Onderwijs
  5. Beleid

1. Diagnostiek

Huidige situatie :
vanuit onderzoek en theorievorming zijn een aantal algemeen erkende kenmerken beschikbaar, maar een goed instrument ontbreekt om deze kenmerken in kaart te brengen.

Doelen

  • Ontwikkelen van een handelingsgericht diagnostisch instrument:
    • voor het vaststellen of er sprake is van een licht verstandelijke beperking én een Langdurig Problematische Gezinssituatie;
    • waarmee protectieve-, promotore-, en risicofactoren van jongeren in kaart worden gebracht evenals de opvoedingsvaardigheden bij de ouders;
    • door middel waarvan vroegsignalering en preventieactiviteiten kunnen worden ontwikkeld.
  • Ontwikkelen van screeningsinstrument (op basis van het diagnostisch instrument) voor dossieranalyse.
  • In kaart brengen van de mate waarin bij Langdurig Problematische Gezinssituaties sprake is van een verstandelijke beperking bij één
  • of meer van gezinsleden.

2. Interventie

Huidige situatie :

  1. er wordt weinig vroeghulp ingezet waardoor vaak te laat en met zwaardere interventies moet worden ingegrepen;
  2. de hulpverlening is sterk versnipperd en gefragmenteerd. De verschillende hulpverleningsstromen (vaak vanuit meerdere organisaties) werken langs elkaar (er is geen centrale regie en een slechte terugkoppeling);
  3. er wordt teveel de nadruk gelegd op een enkel aspect (probleem) of een enkel gezinslid waardoor de kern van de problematiek niet wordt aangepakt; p 16 Werkplan Lectoraat
  4. er is onvoldoende aandacht oog voor de sociale en fysieke omstandigheden die van invloed zijn op het ontstaan en voortduren van de problematiek; • de mogelijkheden van het gezin en de omgeving worden onvoldoende benut;
  5. het ontbreekt vaak aan kennis van de kritische succesfactoren waardoor de hulp niet werkt;
  6. organisaties en haar medewerkers zijn vaak slecht toegerust in het omgaan met crisissituaties en bemoeizorg;
  7. na zware zorgtrajecten worden kind en gezin vaak weer losgelaten;
  8. er is onvoldoende lichte hulp met specialistische kennis: lichte hulp is vaak niet specialistisch en specialistische hulp vaak niet in lichte vorm beschikbaar. Lichte hulp bijvoorbeeld door de aanwezigheid van steun op de achtergrond omdat er vaak sprake is van een wankel evenwicht, maar waarbij door iemand met kennis van zaken, de crises tijdig gekeerd kunnen worden.

Doelen :

  1. Omschrijven van de kritische succesfactoren voor de hulpverlening (m.b.t. proces en inhoud).
  2. Inventariseren van bestaande hulpverleningsvormen (waaronder vroeghulp, ‘bemoeizorg’ en crisisinterventies) die zijn afgestemd op Langdurig Problematische Gezinssituaties waar tevens sprake is van een licht verstandelijke beperking bij één of meer gezinsleden. Deze hulpverleningsvormen, indien dit nog niet het geval is, theoretisch onderbouwen (niveau 2 van de effectladder van de Erkenningscommissie Jeugdinterventies).
  3. Ontwikkelen van nieuwe hulpverleningsvormen (interventies) aan de hand van ‘practise based’ kennis en ervaring (waaronder een psycho-educatieprogramma bestemd voor ouders, jongeren en medewerkers). d. Organiseren van een (inter)nationaal congres betreffende de resultaten van het lectoraat en de bijbehorende onderzoeken en kennisuitwisseling met andere deskundigen. e. Uitgeven van een boek/reader met artikelen betreffende het gehele hulpverleningsproces. Voor dit boek worden diverse experts zowel binnen als buiten Tjallinga Hiem en de NHL Hogeschool benaderd om een bijdrage te leveren.

3. Onderzoek

Huidige situatie :
het onderzoek naar het voorkomen van en interveniëren bij Langdurig Problematische Gezinssituaties staat nog in de kinderschoenen.
Hoewel de Orthopedagogische Behandelcentra (OBC) voor jongeren met een licht verstandelijke beperking reeds een lange
staat van dienst hebben, is nog betrekkelijk weinig onderzoek gedaan.
Doelen

  1. Het onderzoek richt zich op diverse deelgebieden.
    1. interventievariabelen en - methoden en effectmetingen met behulp van uitval, cliëntsatisfactie, probleemreductie en doelrealisatie;
    2. de bevordering van de transfer van opvoeding en behandeling naar de thuissituatie;
    3. verslavingsproblematiek;
    4. omgang met intimiteit en seksualiteit;
    5. schooluitval onder jongeren met een licht verstandelijke beperking. Hoe vaak komt het voor? Welke preventiemogelijkheden en welke interventies zijn succesvol? Hoe moet de leeromgeving eruit zien? Wat te doen met thuiszitters?
    6. in kaart brengen van de zorgbehoefte; wat is bij wie nodig, behandeling of ondersteuning (hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen jongeren van 18- en 18+);
  2. Publiceren in (semi)wetenschappelijke tijdschriften en deelname aan onderzoeksbijeenkomsten en/of (inter)nationale conferenties.

4. Onderwijs

Huidige situatie :
(aanstaande) professionals die direct of indirect met de doelgroep te maken hebben, beschikken over onvoldoende kennis en vaardigheden.

Doelen :

  1. Ontwikkelen van een HBO Minor.
  2. Studenten van de NHL Hogeschool worden geworven tot deelname aan de specifieke minor.
  3. Studenten van Zorg en Welzijn en de Pabo participeren in de onderzoeken van het lectoraat.
  4. Medewerkers van Tjallinga Hiem verzorgen gastcolleges bij Hogeschool en Middelbaar beroepsonderwijs (MBO).
  5. De lector zal jaarlijks bij alle bij het lectoraat betrokken afdelingen openingscolleges geven om de missie van het lectoraat te presenteren en kennis verder te verspreiden.

5. Beleid

Huidige situatie :

  1. de problematiek van jongeren met een licht verstandelijke beperking wordt veelal laat gesignaleerd, waardoor de problematiek toeneemt en zwaardere interventies nodig zijn. Niet of te laat ingrijpen bij jongeren verhoogd bovendien het risico van de vorming van Langdurig Problematische Gezinssituaties (intergenerationele problematiek). Ditzelfde is ook het gevolg van de wachtlijstproblematiek;
  2. mensen met een licht verstandelijke beperking hebben niet dezelfde kansen op een volwaardige deelname aan de samenleving als mensen met een normale ontwikkeling;
  3. door de verschillende regelingen zijn er teveel loketten, het is daardoor (vooral voor lager opgeleiden) moeilijk om de juiste hulp (tijdig) in te schakelen;
  4. door tijdsbegrenzing worden resultaten niet bereikt of worden de bereikte resultaten niet geborgd;
  5. privacywetgeving staat een efficiënte uitwisseling van cliëntinformatie in de weg.
     

Doelen

  1. Bijdrage leveren aan het vergroten van de mogelijkheden tot vroegsignalering (zie diagnostiek) en het in de keten actief uitdragen van deze mogelijkheden (o.a. voorlichting aan consultatiebureaus, Centra voor Jeugd en Gezin (CJG), Bureaus Jeugdzorg, Sociale diensten, Centra voor Werk en Inkomen, wijkcentra, Jeugd Advies Teams (JAT) en Sociale teams).
  2. Organisaties die (vroegtijdig) betrokken zijn bij de doelgroep betrekken bij de activiteiten van het lectoraat.
  3. Ontwikkelen van een protocol ketenaanpak voor mensen met een licht verstandelijke beperking in Friesland.
  4. Ontwikkelen van een voorstel omtrent verwijzingsmogelijkheden naar hulpverlening (protocol).
  5. Advisering aan landelijke, provinciale overheden en organisaties op het gebied van jeugd en gezin voor het creëren van gelijke kansen op deelname aan de samenleving (gelijke kansen bieden vraagt soms om een ongelijke behandeling).
NHL.nlKennis en BedrijfLectoratenWerkplan 2009 - 2012